Cultuur, wie houdt er niet van? Het is uiteraard een breed begrip. Bekijk het zo algemeen mogelijk, werkelijk het ‘cultiveren van je eigenste persoon’. Zoals een boer zijn velden bewerkt, en daarna de vruchten ervan plukt.
En om met een tegenstelling te spreken, de drang naar cúltuur zit ‘m juist in onze menselijke nátuur. We worden immers geboren met de drang om te leren. Te leren lopen, te leren praten, te leren redeneren, te leren veroordelen, te leren aanvaarden. Beschouw het als een soort opvoeding en vooral verrijking van een bevolking.
Juist ja, om te overleven. Er gebeurt zoveel op onze planeet, in ons land, in onze omgeving, dat we enkel met een portie ontwikkeld gezond verstand een poging kunnen doen om alle mechanismen uit de samenleving te begrijpen.
En daar heeft iedereen recht op. Ik besefte pas het belang van een degelijk aanbod voor persoonlijke verrijking wanneer ik voor een langere tijd in het buitenland verbleef. In België mogen we niet klagen over ons cultuuraanbod. Ondanks onze beperkte oppervlakte en de complexe realiteit, is onze culturele rijkdom niet mis. Meer nog, het is essentieel, zelfs in tijden van crisis.
‘Besparen op cultuur zou verarming zijn’. Zowel Vlaams minister-president Kris Peeters als Vlaams minister van Cultuur Joke Schauvliege zijn het erover eens. Terwijl in Spanje, Nederland en Groot-Brittannië stevig geknipt is in het cultuurbudget, staat cultuur in België, (tot nu toe) hoog aangeschreven.
Neem nu televisie. Niet iedereen leest de krant, koopt tijdschriften, woont hier en daar een debat of lezing bij, maar bijna iédereen zit geregeld wel eens voor de buis.
Televisiekijken heeft niet altijd de meest positieve connotatie. Onterecht, weet ik nu. Ok, niet alles is per definitie ‘leerrijk’, en dat hoeft ook niet. Een ontspannende serie, slappe Amerikaanse films waar je je hersenen even op stand-by kan zetten, zolang je je ogen maar openhoudt om het voorspelbare plot te kunnen volgen. Moet kunnen. We snakken er allemaal wel eens naar. Is ons dagelijks leven niet al serieus genoeg? We kunnen toch niet altijd presteren?
Uiteraard. Maar stel je nu eens een omgekeerde wereld voor.
Laten we het Italiaanse voorbeeld volgen. Vierentwintig uur lang word je er bestookt met de meest zielige nonsens die door het lage niveau net een inspanning betekenen om je ogen op het scherm gericht te houden. De diverse journaals (de één al nietszeggender dan de andere, vergelijk het met de nieuwsfeiten die je terugvindt op hln.be onder de rubriek ‘Bizar’ maar dan in een journaal gegoten) produceren een nieuwsverloop van zeker 95% binnenlandse feiten waarvan de nieuwswaarde fel in twijfel kan getrokken worden. Vandaag werd bijvoorbeeld uitgebreid gediscussieerd over de rubberen laarzen van Kate Middleton.
Mijn heimwee was nooit zo groot.
Mijn heimwee was nooit zo groot.
De Italiaanse media evolueerden naar de hand van mediamagnaat Silvio Berlusconi. Hij vermomde het gebrek aan échte cultuur met de twee ultieme passies van de meerderheid van de italiaanse bevolking: Vrouwen en Voetbal. Bijna elk programma, talkshow of quiz, worden gedecoreerd door halfnaakte jonge meisjes, veline genoemd, die enkel mogen dansen en vooral hun mond niet mogen opendoen. Velina werd plots de droomjob van elk jong meisje, wat nog eens aangemoedigd werd wanneer Il Cavaliere een ex-velina en naaktmodel tot minister van Gelijke Kansen bombardeerde. Veel stemmen heeft hij er niet mee verloren.
Maar waarin veruit het meest geïnvesteerd wordt, zijn de voetbalverslaggevingen. Wat bij andere berichtgevingen niet mogelijk leek, wordt in de ontelbare sportjournaals met klasse gerealiseerd: een compleet, uitgebreid en gestructureerd overzicht van de belangrijkste matchen, geïllustreerd met achtergrondinformatie en interviews. All day long.
Nee, wacht. Ik zag bijna Big Brother 12(!) over het hoofd, hét succesverhaal zonder einde. In Italië dan toch.
Dikke duim omhoog voor de vele realisaties van ex-premier Silvio Berlusconi dus. In amper 15 jaar toverde hij met zijn monopoliestatus het televisielandschap om in een waar seks- en voetbalspektakel. En dat verkoopt. Terwijl hij in het buitenland door zijn uitspattingen een twijfelachtige reputatie opbouwde, ontvingen de meeste Italianen zijn vernieuwingen met luid applaus. Het werkte: kijkcijfers in Italië zijn opvallend veel hoger dan in andere Europese landen.
De eenzijdige publieke informatie in Italië is schrijnend. En dan heb ik het alleen nog maar over de televisie gehad. Het geeft een negatieve boost aan de persvrijheid en het aanbod voor een (correcte) culturele verrijking die een recht zouden moeten zijn voor elke burger in elke democratische samenleving.
En voor een liefhebber van onze Belgische programma’s is het een ware cultuurshock om mijn honger naar informatie te moeten stillen met blote vrouwen, en hete voetbalspelers. Gelukkige bestaat het internet nog.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten